Pensioenpijlers: welke zijn er?

Een pensioen is een inkomen, althans zo bekijken we het in deze sectie. Inkomen is alles wat iemand als opbrengst van arbeid, onderneming of vermogen geniet, bijvoorbeeld loon, winst, dividend of rente. Je hebt roerende inkomsten en onroerende inkomsten.

Bij inkomsten wordt veelal over geld gesproken – echter goederen of diensten kunnen ook tot het inkomen behoren. Hieronder vindt U alvast de verschillende types terug, met definitie en link-en naar interessante pagina’s. Ontbreekt er iets volgens U? Geef ons dan gerust een seintje via Contact.

Eerste pensioenpijler: Wettelijk Pensioen

De 'eerste pijler' is een basispensioen, door de staat geregeld en gefinancierd door middel van een omslagstelsel (in België heet dit het "wettelijk pensioen"). Deze pijler heeft als doel ten minste een basisvoorziening te scheppen waarmee armoede onder ouderen wordt voorkomen.

Loontrekkers krijgen op 55 jaar een samenvatting van hun loopbaan van de Rijksdienst voor Pensioenen. Daarbij hoort een raming van hun wettelijk werknemerspensioen op 65 jaar, met een voorafspiegeling op 60 jaar. Benieuwd naar uw pensioen? Klik op www.kenuwpensioen.be en maak een simulatie.

Tweede pensioenpijler: Aanvullend Pensioen

De Belgische 'tweede pijler' zijn de systemen van aanvullend pensioen die door de werkgever gefinancierd wordt (toelage genoemd) in uitvoering van de WAP. Dit gebeurt meestal met een groepsverzekering of een individuele pensioentoezegging. LEES VERDER...

Derde Pensioenpijler: Vrijwillig Pensioen

De 'derde pijler' is vrijwillig, alle inkomensvoorzieningen die mensen zelf treffen vallen hieronder, zoals lijfrente en levensverzekeringen. Meestal gaat het om commerciële spaarproducten, met of zonder verzekeringselement, met fiscale concessies en beperkingen. De producten in deze pijler zijn bedoeld voor reparatie van pensioenbreuken en -gaten.

Vierde Pensioenpijler:

Sparen voor de oude dag via niet-fiscale weg wordt officieus wel eens de vierde pijler genoemd. Hier vallen o.a. volgende zaken onder: het klassieke spaarboekje, aandelen, obligaties, fondsen, niet-fiscale levensverzekeringen, (zowel tak21 als tak23),... Sommigen beschouwen een eigen woning ook als onderdeel van de vierde pijler.